• Mijn account
    • (X)Inloggen

      Ik ben al klant bij Poppenwinkel.com

      Voer je e-mailadres en wachtwoord hier in om in te loggen op de website:

      Wachtwoord vergeten?

      Nog geen klant bij Poppenwinkel.com?

      • Eerdere bestellingen bekijken
      • Automatisch verstuurgegevens ophalen
      • Track je bestelling
      Nieuw bij Poppenwinkel.com
Je bent hier:

Achtergrondverhaal Petitcollin

Prachtpoppen, zonder Franse slag

Poppen van Petitcollin zie je niet gemakkelijk over het hoofd. Of het nu een sierpopje is in prachtige kleding of een speelpop; hun trekken en fijne afwerking zijn altijd opvallend en getuigen van een geheel eigen verfijnde stijl. Veel generaties hebben zich laten bekoren door deze poppen, die vooral als celluloid exemplaren beeldschoon zijn.

Achtergrondverhaal Petitcollin

Nicolas Petitcollin startte in 1860 met de fabricage van onder meer kammen, haarspelden en baleinen voor corsetten. De fabriek was gevestigd in het Franse Etain, in het departement Meuse ( Lotharingen).

Achtendertig jaar later, in 1898 om precies te zijn, begon Petitcollin met het gebruik van celluloid. Dit nieuwe materiaal bood een heel nieuw scala van mogelijkheden, waaronder die van de fabricage van poppen. In 1901 rolde dan ook de eerste celluloid pop van de band. Dit werd het begin van een schitterende ontwikkeling. Want de poppenfabriek van Nicolas Petitcollin zou uitgroeien tot één van de belangrijkste Franse poppenfabrieken.

Petit Collin

Het eerste echt grote succes begon in 1924 met de 'Petit Collin'. Deze pop, hoe logisch eigenlijk, werd natuurlijk niet voor niets zo genoemd. Nicolas's achternaam leende zich uitstekend hiervoor en bovendien droeg deze benoeming bij aan de naamsbekendheid van de producent. Het mes sneed aan twee kanten.

Petit Collin kreeg snel opvolgers. In 1926 werd de eerste badpop geïntroduceerd. Dit werd eveneens een daverend succes. In de jaren '30 werden de eerste popjes in authentieke Franse streekdracht gemaakt. Overigens, ook werden spéélpoppen in zeer luxueuze kleding ontworpen. Alle even mooi met de hand beschilderd en alle even zorgvuldig aangekleed, met prachtige stoffen en rijke kant.


Tijdens de 'Exposition Coloniale' te Parijs in 1931, werden naast de reguliere celluloid poppen van Petitcollin ook negroïde en Aziatische poppen aan een groot internationaal publiek getoond. Deze donkere poppen vielen heel erg in de smaak. Vooral omdat de typerende kenmerken zo mooi waren weergegeven op de poppensmoeltjes.

Authenticiteit en kwaliteit hebben bij Petitcollin altijd centraal gestaan. Voor de kleding hebben beroemde couturieurs hun bijdrage geleverd, waaronder Christian Lacroix en later ook Jean-Paul Goultier en Jean-Charles de Castelbajac.

Van celluloid naar PVC

Celluloid was als poppenmateriaal aanvankelijk bijzonder populair. Het was prachtig te vormen, niet zo breekbaar als porselein en het mocht nat worden. Ook kon men hele lijven van dit materiaal vervaardigen, dus hoefde men geen houten lijven meer te maken of gebruik te maken van veel duurder leder. Daarnaast had celluloid ook hygiënische voordelen ten opzichte van stoffen lijven. De poppen konden gemakkelijk gewassen worden en zelfs met het poppenmoedertje mee in bad!


Maar celluloid heeft ook nadelen. Ten eerste is het erg brandbaar. Ten tweede kan het materiaal breken en wordt het na verloop van tijd brosser.

In de jaren vijftig werd overgeschakeld op de nieuwe materialen polyethyleen en PVC.

De Petitcollinfabriek is één van de weinige poppenproducenten die nog steeds bestaan. Tot op de dag van vandaag verlaten jaarlijks zo'n dertigduizend poppen de fabriekshal.



©Pers- en tekstbureau Heliant