• Mijn account
    • (X)Inloggen

      Ik ben al klant bij Poppenwinkel.com

      Voer je e-mailadres en wachtwoord hier in om in te loggen op de website:

      Wachtwoord vergeten?

      Nog geen klant bij Poppenwinkel.com?

      • Eerdere bestellingen bekijken
      • Automatisch verstuurgegevens ophalen
      • Track je bestelling
      Nieuw bij Poppenwinkel.com
Je bent hier:

Achtergrondinformatie Wildebras

In de ban van Wildebras

Wildebras is een van de weinige Nederlandse poppenmerken. De fabriek bestaat al lang niet meer. Maar verzamelaars houden dit stukje ‘industrieel en cultureel erfgoed’ in hoge ere. Elk baby-boomermeisje (her)kent dan ook wel een echte Wildebras, of de pop nu gemerkt is of niet.


Achtergrondinformatie Wildebras

Wildebraspoppen werden gefabriceerd door speelgoedfabriek ’t Poppenrijk van de gebroeders Nolles in Steenwijk. Aanvankelijk was het een tabaksfabriek, maar tijdens de Tweede Wereldoorlog deed zich een groot gebrek voor aan tabak en aanverwante materialen. Daarom werd gezocht naar een alternatief om de medewerkers aan het werk te houden. Dit werd gevonden in de fabricage van lappenpoppen.

In 1946, dus pal na de oorlog rolden de eerste gezichtjes van papier-maché van de band. Later gevolgd door hele hoofdjes en weer later door rompen en ledematen. In 1953 werd de naam Wildebras een gedeponeerd handelsmerk.
De onderneming groeide gestaag. In 1957 ging de fabricage van papier-maché poppen over op de productie van plastic poppen, gevolgd door andere moderne mateialen.

Afbeeldingsresultaat voor wildebras pop

De poppen van papier-machés zijn de meest begeerde. Om nu te zeggen dat het schitterende poppen waren? Eigenlijk niet. Al vele decennia daarvoor werden er immers al poppen van dit materiaal gemaakt die qua schoonheid en gevoel voor detail de wildebrassen zondermeer zouden verslaan. De wildebrassen waren nogal grof van afwerking. Maar wellicht dat de poppenmoeder hierdoor juist haar fantasie zo spelenderwijs en goed op deze poppen kon projecteren. Schoonheid, dus kostbaarheid, kan voor een kind namelijk ook afstotend zijn. Je moet er dan zuinig en voorzichtig mee omgaan. Met een wildebras kon je echt lekker spelen en je er hartstochtelijk aan hechten.

Overigens, het was ook niet de bedoeling van het Poppenrijk om gelikte poppen te maken. Integendeel. Men probeerde de productie zo voordelig mogelijk te houden. Zodat het speelgoed voor veel beurzen betaalbaar was. Hoewel, de grote babypop kostte rond 1950 toch 25 gulden. In een tijd dat salarissen van 25 gulden per week geen uitzondering waren.

Typen

De kleertjes waren afgestemd op het beeld van die tijd. En mooi afgewerkt. Ze hadden plastic schoentjes aan. Ook verschenen er poppen in klederdracht. Héél veel poppen in klederdracht. Grote en kleine. Die zijn nu ook nog veelvuldig verkrijgbaar. Zelfs op rommelmarkten of bij de Kringloopwinkel kom je deze nog geregeld tegen. En vaak voor een appeltje en een eitje te koop. Dit komt omdat velen niet weten dat het plastic gevalletje in het – toch al niet zo begeerde – klederdrachtsetje een echt Wildebrasje is. Vaak zijn de voor de sier in wol geklede popjes, zoals in die door oma nog gehaakte wijde jurkjes met bijpassende hoedjes, echte Wildebrasjes.

Afbeeldingsresultaat voor wildebras wipneusje Wipneusje

Maar laten we eerst nog even terugkeren in het verleden van ’t Poppenrijk.
Na de periode van papier-maché werd in 1957 overgestapt op het gebruik van polyethyleen, een wat zachtere plasticsoort. Het materiaal kon zo veel ellende weerstaan, dat Wildebras ze onverwoestbaar noemde. Dat was deels ook wel waar. Ze konden in bad, wat met papier-maché niet kon. Er kon mee worden gegooid, er kon geen verf afstoten. Ze waren licht in gewicht. Kortom: fijn speelgoed. En…. veel goedkoper dan papier-maché.

Wipneusje
Een van de eerste poppen van dit materiaal waren de zogenaamde wipneusjes. Waarom ze zo werden genoemd spreekt voor zich.
Men streefde naar kwaliteit, maar was ook zuinig en spaarzaam. Polyethyleen van mindere kwaliteit werd gebruikt om er zwarte poppen van te maken. Er werd gewoon een donkere kleurstof aan het plastic toegevoegd.

Wildebrassen verschenen in alle soorten en maten. Ook als etalagepoppen, die kleine kindermaten pasten. De mallen toonden niet bepaald een grote variëteit.
In 1960 kwamen de eerste poppen met ingeplant haar op de markt. De poppen met een paardenstaart hadden slechts gedeeltelijk ingeplante haren. En… ja hoor, de hoofden kwamen van dezelfde mallen als de poppen daarvoor.

Afbeeldingsresultaat voor willy wildebras Willy Wildebras

In 1964 maakte Wildebras pas gebruik van vinyl voor de hoofden. En dat was laat. Vinyl was al lang in het buitenland in gebruik genomen. Ook ging ´t Poppenrijk mee in de Barbie rage. Zij het met een heel specifiek eigen popje, Willy Wildebras. Uiteraard had Willy een eigen kledinglijn. Tot een echte hype is het wat betreft de Willie niet gekomen. Misschien niet zo verwonderlijk, want wat uiterlijke aantrekkelijkheid en kwaliteit deden ze echt wel onder voor die van Barbie en haar soortgenoten.
Toch, als u een Willie tegen komt, grijp dan wel uw kans. Doordat het niet tot een rage gekomen is, zijn er ook niet zoveel gemaakt en dus zijn ze vrij zeldzaam. Daardoor dus extra geliefd bij Wildebras-verzamelaarsters. En daar zijn er heel wat van in Nederland.

Brand

De fabriek maakte niet alleen poppen. Ook beren van polyethyleen, blokken, constructiespeelgoed en ander speelgoed kwamen er van de band. Het ging heel goed met Wildebras. Op het hoogtepunt had het bedrijf ruim honderd werknemers op zijn hoogtepunt. Tot er vanaf 1960 zware concurrentie kwam vanuit landen als Japan, Italië en China. In 1973 is ´t Poppenrijk verkocht. Echter, in 1976 legde een grote brand de fabriek in de as. Dit betekende het definitieve einde van ´t Poppenrijk.

© Pers-en tekstbureau Heliant