• Mijn account
    • (X)Inloggen

      Ik ben al klant bij Poppenwinkel.com

      Voer je e-mailadres en wachtwoord hier in om in te loggen op de website:

      Wachtwoord vergeten?

      Nog geen klant bij Poppenwinkel.com?

      • Eerdere bestellingen bekijken
      • Automatisch verstuurgegevens ophalen
      • Track je bestelling
      Nieuw bij Poppenwinkel.com
Je bent hier:

Achtergrondinformatie over het Poppenhuis

Van Koningshuis tot Kringloopwinkel

Rondom poppenhuizen zijn altijd wel bewonderaars, verzamelaars en creatieve hobbyisten te vinden geweest. Veel plaatselijke musea hebben dan ook wel een kabinetpoppenhuis tussen hun collecties te pronken. In het Rijksmuseum, bijvoorbeeld, staan de mooiste en oudste kabinetten. Mooie notenhouten vitrinekasten met talloze kamertjes die stuk voor stuk verfijnd zijn inge richt. Maar of ze nu uit huisvlijt zijn ontstaan of gemaakt door vakkundige specialisten: een poppenhuis roept altijd een vertederend gevoel op.

Achtergrondinformatie over het Poppenhuis

iet alleen musea, ook onze Koninklijke familie is in het rijke bezit van schitterende poppenhuizen. De kinderen van prins Willem Alexander en prinses Maxima hebben onlangs nog een replica in miniatuur van Paleis het Loo aangeboden gekregen. Prachtiginge richt en wel. Zelfs de paardenstal ontbreekt niet. En op zolder hangt de koninklijke miniwas te drogen!
De kans dat de gewone liefhebber zo’n prachthuis krijgt is niet groot. Maar wie handig is, kan zelf een mooi resultaat bereiken. En anders zijn er leveranciers genoeg of kan gezocht worden op de regelmatig gehouden Poppenhuizenbeurs in de Rijnhal te Arnhem. En wat te denken van de kringloopwinkel of de rommelmarkt?

Historie in een notendop
Er valt over historische poppenhuizen heel veel te vertellen. Er zijn boeken vol over geschreven. Daarom hier de geschiedenis in de toepasselijke notendop.
Duitsland is van oudsher een echt ‘poppenland’. Maar ook wat poppenhuizen betreft kan dit land bogen op een rijke reputatie. Sterker: het oudst bewaard gebleven poppenhuiskabinet is van Duitse oorsprong. Het is het pronkkabinet dat hertog Albrecht V van Beieren liet maken voor zijn dochtertje. Het dateert uit 1558. Een ander poppenhuis dat tot de oudste gerekend mag worden dateert uit 1600 en staat in het Nationaal Museum in Neurenberg, de Europese speelgoedstad bij uitstek. Het is een replica van het stadhuis uit die tijd.
In de tussenliggende periode is helaas heel weinig aan poppenhuizen overgebleven. Laat staan van de speelgoedpoppenhuizen. Veel poppenhuizen werden gebouwd om aan de hand van de kleine interieurtjes de meisjes te onderrichten in het huishouden.
Zo is er deels een poppenhuis uit 1631 bewaard gebleven dat isingericht door ene Anna Köferlin in Neurenberg.



Pracht en Praal

Poppenhuizen hebben niet alleen financiële en kunstzinnige waarde. Ook historisch gezien zijn ze van belang. Ze geven immers een perfect beeld van het leven en de smaak van de generaties die leefden in de periode waarin de poppenhuizen zijn gemaakt. Zij het echter wel van degenen die zich een luxueus leven konden veroorloven.

De meeste oude Nederlandse poppenhuizen dateren uit de negentiende eeuw. Het zijn ook weer voornamelijk pronkhuizen. Dus bezittingen van volwassenen. Binnen de betere kringen werd het ‘en vogue’ om een mooi kabinet in de salon te pronk te zetten. Het waren kostbare, adembenemende curiositeiten. Met zilveren en porseleinen voorwerpen en kostbare stofjes.


Afbeeldingsresultaat voor antiek poppenhuis

De Nederlanders integreerden het poppenhuis meer tot een onderdeel van het interieur dan de Duitsers. Het waren vooral kabinetjes met deurtjes, zodat de kostbare inhoud tegen stof en zonlicht beschermd werden. Als het niet te pronk stond, werd er zelfs een gordijntje voor geschoven!

Het op één na oudste Nederlandse poppenhuis is dat vanMarga retha de Ruyter. Het dateert uit de 17e eeuw en is te zien in het Rijksmuseum in Amsterdam.

Huizen en Kamertjes
In Frankrijk is nog een poppenhuis beschreven dat toebehoorde aan de Franse Koningin Marie Antoinette. Het zou gemaakt zijn in Straatsburg. Het huis schijnt echter verloren geraakt te zijn. Alleen de beschrijving resteert nog.
Wat in Frankrijk vrij veel voorkwam waren de losse kamertjes. Deze komen overigens in heel Europa nog vrij veel voor. Aanvankelijk waren deze vaak heel mooi en ambachtelijk vervaardigd. Maar aan de exemplaren uit het einde van de negentiende eeuw is te zien dat er ook goedkopere, commercieelingerichte kamertjes op de markt kwamen. Vaak hadden deze een uitgesproken speelgoedfunctie.

Afbeeldingsresultaat voor puppenhaus Anna Köferlin

In de negentiende eeuw werden voor de bouw van een poppenhuis ook andere materialen gebruikt dan hout. Bijvoorbeeld voor de bouw van balkonnetjes werd karton genomen. Ook waren er transfers beschikbaar en op papier gedrukte dakpannetjes en geveltjes.

Afbeeldingsresultaat voor antiek poppenhuisOver de producenten is niet veel bekend. De poppenhuizen en het meubilair werden zelden gemerkt. Wel is bekend dat de stalen onderdelen werden gemaakt door het Duitse Märklin ( ja, dezelfde fabrikant als van de beroemde elektrische treintjes). Bij Märklin werd prachtig keukengereedschap gemaakt. Na het begin van de 20e eeuw waren de Gebrüder Schneegas in Waltershausen bekende producenten van mooie meubeltjes in de Art-Nouveaustijl.

Sierlijk zonder protserigheid
Engelsen gaven niet zoveel voorkeur aan ‘pronkkasten’ als de Duitsers en de Nederlanders. Het oudst bewaard gebleven kabinet is dat vanAnn Sharp, daterend uit de 17e eeuw. Blijkbaar vond men dat mensen wonen in een huis en niet in een kast.

In de 18e eeuw noemde men in Engeland een poppenhuis een ‘babyhouse’. Deze term wordt tegenwoordig nog gebruikt als men het heeft over antieke poppenhuizen. De Engelse stijl is bijzonder lieftallig. Sierlijk, zonder protserigheid. De huizen werden – in verhouding tot de Franse, de Duitse en de Nederlandse - ook meer als speelgoed voor kinderen beschouwd dan als attributen tot plezier en luim voor volwassenen.
De productie nam wel toe in het begin van de 19e eeuw. Het ging economisch goed met Engeland en de gegoede burgerij groeide. Men wilde graag goed, kwalitatief en educatief speelgoed geven aan de kinderen. Zodoende zijn de meeste poppenhuizen uit die tijd gedegen uitgevoerd. Het interieur veranderde ook doordat er kwalitatief goed papier op de markt verscheen.

In Engeland werd nog niet veel meubilair gemaakt. Het meest waren de meubeltjes van Franse en Duitse herkomst beschikbaar. Poppenhuizen werden echter wel in Engeland gemaakt.
Het idee van opvouwbare poppenhuizen is ook een Engelse vinding. Vooral voor de Eerste Wereldoorlog werd hierover uitgebreid nagedacht. Maar uiteindelijk zijn die pas véél later op de markt gekomen.

Goed voorbeeld doet goed volgen

Engelse volwassenen kregen rond 1924 grote belangstelling voor poppenhuizen. Wijlen koningin Mary, moeder van de huidige Engelse koninginElisabeth II, kreeg toen namelijk een schitterend poppenhuis aangeboden. Het was héél precies gemaakt naar de normen van de 20e eeuw. Ontwerper van het huis was Sir Edwin Lutyens. Hij heeft voor de uitvoering talrijke beroemde miniaturisten aan het werk gezet. Het heeft drie jaar geduurd voordat het huis helemaal klaar en compleetingericht was.

Het koninklijke poppenhuis kreeg zoveel publiciteit dat ook bij Jan en alleman het poppenhuis weer in ‘the picture’ kwam. Mannen werden aan het timmeren gezet. En vrouwen namen weer naald, draad en dunne breinaalden ter hand.

In de tweede helft van de 20e eeuw was er aanzienlijk minder 'volwassenen' belangstelling voor poppenhuizen. Na de Tweede Wereldoorlog had men wat geld betreft wel andere prioriteiten aan het hoofd.

Anders was dit overigens wel voor de kinderen. Er kwamen practische recht-toe-recht-aan huizen in de winkel. De meubeltjes waren meestal leuk van vorm en kleur. Vooral van plastic en 'made in Hong Kong'. Goedkoop en practisch, dus.

Sommige fabrikanten van zeeppoeder en andere alledaagse producten zagen kans om de kooplust te bevorderen door poppenhuispopjes en -meubeltjes gratis bij hun producten te sluiten. Zo kennen wij de popjes van de Biotex en de meubeltjes van Persil en Castella. Toen gratis en voor niks! Zeg daar als moeder van de jaren '50/'60 maar eens 'nee' tegen....Nu, anno 2008, zijn het gewilde verzamelspulletjes, die zeker in waarde zullen stijgen.

Voor kinderen heeft het plastic inmiddels afgedaan. In de jaren '70 kwam het poppenhuis van onder meer het merk Lundby in trek. Deze Scandinavische producent bracht flexibele huizen op de markt. Dat wil zeggen, dat er bij een standaard huis ook nog onderstaande verdiepingen verkrijgbaar waren. Zo kon men, naar gelang het verlangen van het kind, het huis worden uitgebreid. De meubeltjes zijn van een kwaliteit die kinderhandjes kan weerstaan. Het design was hedendaags. Natuurlijk kreeg deze ontwikkeling navolging.

Tegenwoordig is de scheiding tussen speelgoed en verzamelobject groot. De volwassen poppenhuisverzamelaar kijkt vooral naar de schoonheid van de miniaturenwereld. Hij, meestal zij, wil er bovendien jeugdsentiment of nostalgie in kwijt. Men vindt er immers een sfeer van ouderwetse gezelligheid in terug. Voor kinderen moeten poppenhuizen vooral veilig, sterk en pedagogisch verantwoord zijn. Zo u wilt: de fantasie stimuleren.

Maar hoe je het ook bekijkt: een poppenhuis is voor elke generatie een bron van plezier!

©Pers- en tekstbureau Heliant